dinsdag 26 juli 2011

Meneer Waterschoot, 26 juli

In de wachtzaal zitten zo'n 25 mensen. Mijn vader en ik wachten bij de dienst radiologie tot het zijn beurt is om een x-ray van zijn schouder te laten maken. Vandaag moet worden beslist of hij al dan niet nog een operatie moet hebben. Mijn vader wasemt spanning uit. Hij kleurt roder dan gewoonlijk en slaat ritmisch op de leuning van zijn rolstoel. Wachten is érg moeilijk voor hem geworden.

-" Mevrouw Thuis?" De verpleegster kijkt zoekend de zaal rond. 
Mevrouw Thuis reageert niet. 
-"Mevrouw Thuis?" de verpleegster noemt haar naam nu wat harder en met méér aandrang. 
- "Die is al nor huis!" roept een man luidop en slaat zich daarbij op de billen van het lachen. Er komt van de andere wachtenden weinig reactie, slechts een enkeling glimlacht uit beleefdheid. 
"Verstod et ni? Thuis.. die is al nor huis!" legt de man uit. Een paar mensen knikken gelaten. 
Maar mevrouw Thuis heeft nu haar naam gehoord en sjokt met de verpleegster mee een kleedhokje binnen. 
"Hedde zoéne noam na ooit al ghoord?" De kalende zestiger die de stilte opnieuw doorbreekt is een man die van geen ophouden gaat weten... soms voél je dat. Niemand reageert. 
"Ik em diene noam nog nooit ghooord! Straks heet die haare vent nog "Famille"...!"Thois... Famille.. lak in die twië soaps hein! " 
"Mmhuh..." beaamt iemand. 
Meer aanmoediging heeft de man niet nodig: "Ik kan er nog wel een paar goei bedenken zenne.... dië Peter van den Begin..... pakt na dat dië getrouwd zou zén met een "van den Ende"... ! Weer slaat hij onbedaarlijk lachend hard op zijn billen. Wéér is de reactie van "het publiek" niks. 
- "Of den deze! Hoort goéd hé! Zaai; madam Graf... haai: meniër Kelder...!" 
Niemand geeft een krimp. 
"Allez allez gasten.. 't is ni omdat dad ier een gasthois is, da ge ni kungt lachen hé! Grafkelder! Verstodde golle de mop ni???" 
Niemand vindt het écht geestig. Mijn vader kijkt naar mij met een blik van "doe die vent ophouden!" Ik glimlach alleen maar even: nog éven geduld en we zijn hier weg. 
"On maai vraogen ze altijd: zedde gaai gien famille van dien acteur? Dië Ronny Waterschoot? Want ik hiët oek Waterschoot. Joa, aanders zouwe ze dan ni vroagen hein!" De man hinnikt nu als een paard van het lachen. 
Vreemd dat je met zo weinig reactie op je grappen, toch koppig blijft doorgaan. 
"Oe heette gaai? Edde gaai oek zoéne roare naam?" vraagt hij plots aan de man die naast hem zit. Die bromt iets dat als "Vandenbossche" klinkt. "Naaie, das giene roare noam, vinkik... Vandenbossche, da hoorde veul he..." 
Nét als hij wil gaan vertellen hoeveel Vandenbossches hij wel kent, mag mijn vader met de verpleegster meekomen. 

"Hedde gaai na ghoord hoe dad dië mens heette..? Da was nen Deuts persies...!" hoor ik nog. 

Gééuw. 
Soms zijn Antwerpenaars vermoeiend volk. 
Maar mijn vader moet niet onder het mes. 
En dat is goed nieuws. 

*Voor wie zich zorgen maakt over de privacy... Waterschoot is een fictieve naam, ok? :-)*

Geen opmerkingen:

Een reactie posten