Ik loop en schrijf nog maar eens een rondje fictie. Paar ideeën smeulen al lang in mijn vingers. Voor ik ze écht brand moeten de woorden er uit. Enfin, zoiets :-)
En om je nieuwsgierigheid te prikkelen wordt het een feuilleton. Een vervolgverhaal. Een soap. Een blognovela :-) Als het kind maar een naam heeft. En suggesties zijn zeer welkom. Of je eigen vervolg. Zou ik bijzonder leuk vinden, eigenlijk. Kruip in je pen, dus... Toé! :-)
Het lot scheen haar goed gezind vandaag. Geen file, haast geen verkeerslichten op rood. En nu ook makkelijk parkeerplaats gevonden. Dat laatste was alvast een érg onverwachte meevaller. Haar hand gleed werktuiglijk in haar handtas. Zou ze...? Nee, ze zou geen parkeergeld betalen. Niet vandaag. Ze had het geruststellende, zékere gevoel dat ze ook dààr wel goed mee weg zou komen. Ze draaide de achteruitkijkspiegel een kwartslag, keek nog eens goed naar haar ogen en streek haar donkere krullen glad. Ze was tevreden met hoe ze er uitzag. Niet te opvallend, niet te gewoontjes... nét goed. Ze gooide het portier van haar autootje dicht en wandelde de straat in. Een lange catwalk aan licht lag voor haar uitgespreid.
Het terras "De tweede zit" baadde in de zon. Een helder lentezonnetje. Met af en toe een briesje dat rokjes ondeugend deed opwaaien. Haar rokje ook, maar ze lette niet zo erg op die dingen. Ze vond meteen hààr tafel, alhoewel ze hier geen stamgast was. Ze zat hier welgeteld één keer eerder. Aan dezelfde tafel. En die was nu leeg. "Mensen zijn gewoontedieren en/of sentimentele onnozele halzen," dacht ze bij zichzelf en nam plaats. Ze bestelde meteen een Cola. Light. Het gaf haar minstens het gevoel dat ze wat op haar lijn lette. Snelle bediening. Ze zat aan een tafeltje van vier. Wachtte ze op iemand?
Klara haalde een verfrommelde brief uit haar handtas. De enveloppe vertoonde behalve kreuken en ezelsoren ook scheuren en was flinterdun geworden bovenaan. Vezeltjes papier voelden zacht als dun satijn in haar handen. Ze had de enveloppe dan ook al minstens een slordige 600 keer opengemaakt, de brief gelezen en hérlezen. Natuurlijk hield ze daar geen exacte count van bij. 600... gewoon, bij wijze van spreken. Erg vààk dus.
De woorden kende ze quasi uit het hoofd. Alle vier bladzijden. De brief dateerde van 12 jaar geleden. Twaalf jaar en 121 dagen geleden, om precies te zijn, maar zo maniakaal om ook dàt exact uit te tellen, was ze helemaal niet. Maar de datum van de brief zei " 2006". En ze kon rekenen. 12 jaar geleden dus. "2006"... in een handschrift dat ze uit alle handschriften van de wereld zou herkennen. Priegelig. Een beetje nijdig. Met korte driftige halen geschreven. Dat lag echter niet aan de inhoud van deze brief. Zo schreef hij altijd, ook liéve dingen, ook zakelijke dingen of boodschappenlijstjes. En deze brief. Uit de context moest je afleiden of er een "n" dan wel een "r" stond, wist ze. Zij kon goed dingen afleiden. Uit de context.
De zon blikkerde op tafel en in het ijsblokje in haar Cola. Ze beet erop zoals ze dat altijd graag deed en voelde het ijs verpulveren in haar mond. Een lekker gevoel was dat. "Het gevoel van een reclamefilmpje, " bedacht ze met een spijtige glimlach.
Er stonden een tiental tafeltjes. Vijf ervan waren bezet. Ze keek rond en probeerde zich voor te stellen wat de andere mensen naar hier had gebracht. Aan twee ervan zaten mannen in een deftig pak met een hoop uitpuilende dossiers. Aan één tafel werd daarin uitgebreid gegrasduind en ontspon zich een heftig gesprek, aan de andere tafel lagen de dossiers onaangeroerd in hun zacht-oranje kaften te zonnen. Bedachtzaam werd daar aan een koffie gelurkt. En nauwelijks gesproken.
"Advocaten," oordeelde Klara beslist." Alle vier." Je hoefde hier, vlak tegenover het gerechtsgebouw, geen Sherlock Holmes te zijn om tot die conclusie komen, uiteraard. Alleen de toga's om haar veronderstelling te staven, ontbraken.
Aan het derde tafeltje zat een oude man, haast helemaal verdoken in zijn wat te ruime jas, sjaal dicht en hoog rondgeknoopt, hoed diep over zijn oren. Hij dronk een glas witte wijn en prikte wat lusteloos in een croque monsieur. "Wat een rààr uur om te eten", dacht Klara en keek naar haar horloge. Het was kwart over drie. Wachtte ze op iemand?
De man streek nu met overdreven aandacht en precisie zijn papieren servetje tot een keurig klein vierkantje. Klara lette op dit soort van details. Ze keek weliswaar heel aandachtig, maar wist dat altijd perfect te camoufleren met een quasi ongeïnteresseerde blik. Want zo was ze.
Er waren nog twee tafeltjes. Eéntje met drie studenten fotografie, dacht ze, want de drie jongens hadden élk een loeier van een camera bij zich en op de schermpjes werd een vergelijkende studie gemaakt van wat de ene en de andere zoal gefotografeerd had. Druk gesprek, over en weer geloop. Geanimeerd. "Te veel zon om het goed te kunnen zien," zei eentje van hen. Ja, dat had zij ook al vermoed. Ze nam hen aandachtig op. Wat hadden ze gefotografeerd? Misschien wel het gerechtsgebouw aan de overkant? Haar ogen dwaalden af naar het gebouw aan de overkant van de straat. "Fotogeniek en veelbesproken," dacht ze. Er was veel te doen geweest tijdens en na de bouw van dit "vlinderpaleis". De bouw ervan had de skyline van haar stad veranderd. De kosten ervan deden een luid gemor en gemopper opgaan, tot vér buiten de gemeenteraad en de stadsgrenzen. Klara had er zich niet zo heel erg druk over gemaakt.
Ook een vijfde tafeltje was bezet. Klara keek.
Wordt vervolgd...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten